|
De Rotterdamse havenbaronnen zijn zeer belangrijk geweest voor de ontwikkeling van Rotterdam in economische zin. Zij waren betrokken bij de groei van de haven van Rotterdam tot één van de grootste havens ter wereld. Ook op cultureel en sportief gebied hebben de havenbaronnen Rotterdam op de kaart gezet.
Ontwikkeling 1770 - 1875
Tot 1875 is Rotterdam een koopmanstad, bereikbaar voor zeilschepen via het kanaal door Oost Voorne.
Anthony van Hoboken De grootste reder in die tijd was de Rotterdammer Anthony van Hoboken. Hij werd de grootste reder van Nederland rond 1800. Van Hoboken nam een groot deel van de zeilvaart op o.a. Nederlands Indië over van de VOC nadat deze failliet was gegaan.
Willem Ruys Ook Willem Ruys die zeilschepen op Nederlands Indië, China, Chili en Peru had varen en de derde reder van Nederland werd, had groot aanzien. Zijn bedrijf groeide later uit tot de Rotterdamse Lloyd dat NedLloyd werd.
Familie De Monchy De Rotterdamse familie De Monchy werd zeer succesvol, zij verkregen rond 1870 praktisch het monopolie op opslag van goederen met hun Pakhuismeesteren het latere Pakhoed.
De komst van de stoomvaart maakte de Nieuwe Waterweg noodzakelijk. Het kanaal bedacht door Pieter Caland was gereed in 1872 waardoor Rotterdam beter en sneller bereikbaar was met zee.
Lodewijk Pincoffs In 1868 waren de door stadsarchitect W.N. Rose ontworpen plannen voor de ontwikkeling van Rotterdam Zuid gereed. Zakenman en politicus Lodewijk Pincoffs was met zijn Rotterdamse Handelsvereeniging degene die visie en de durf had om de ontwikkelingsplannen uit te voeren. Hij speculeerde op de kansen voor Rotterdam zich te ontwikkelen tot wereldhaven.
De invloedrijke ondernemer Marten Mees maakte zich sterk voor een nieuwe scheepvaart route. De stoomvaart verbinding naar Amerika werd in 1873 opgericht door Antoine Plate en jonkheer Otto Reuchlin en heette later de Holland Amerika Lijn (HAL). Andere stoomvaart lijndiensten waren de Batavierlijn een lijndienst naar Engeland in handen van Anthony Kroller en de Rotterdamse Lloyd van de familie Ruys onderhield een lijndienst op Indië.
Ontwikkeling 1875 - 1975
Door de groei van Duitsland, het Ruhrgebied en het achterland van Duitsland was er veel vraag naar grondstof vanaf 1880. Er was een snelle toename van de rijnvaart. Hierdoor veranderde de haven van Rotterdam. De in 1879 aangestelde directeur Gemeentewerken G.J. de Jongh zaf dat Rotterdam hiervoor meer en ander soort havens nodig had. Havens die geschikt waren voor de massale overslag van bulkgoederen, de zogenaamde transitohavens. Hij legde de Rijnhaven (1887-1893) aan, gevolgd door de Maashaven (1898-1905) en de zeer grote Waalhaven (1907-1931).
Rotterdam benutte de natuurlijke ligging aan de Rijn en slaagde erin uit te groeien tot de toonaangevende haven op het vaste land van Europa.
A.G. Kröller Eerst werd er voornamelijk erts en graan naar Duitsland vervoerd. Anthony Kroller directeur in het bedrijf Wm. H. Muller & Co is met het vervoer van erts één van de rijkste Nederlanders geweest. De kunstcollectie van hem en zijn vrouw zijn tegenwoordig in het museum Kröller Müller te bewonderen.
D.G. van Beuningen Na 1900 werd Rotterdam de belangrijkste steenkool haven. Havenbaron D.G. van Beuningen werd met zijn Steenkolen Handels Vereniging (SHV) de grootste met het vervoer, opslag en handel van Duitse Ruhrkolen. Zijn kunstcollectie staat in het naar hem genoemde museum Boymans Van Beuningen. Zijn belangrijkste tegenspeler Willem van der Vorm verdiende zijn vermogen met handel en transport van Engelse kolen.
Philippus van Ommeren Rond 1900 heeft het bedrijf van Van Ommeren het monopolie op transport van ruwe benzine naar en in Duitsland. Samen met Pakhuismeesteren van de familie De Monchy zijn ze ook de grootste in de opslag van olie. Beide bedrijven zullen in 1999 fusren tot het beursgenoteerde VOPAK.
Door de grote economische ontwikkeling waren er veel arbeidskrachten nodig in de Rotterdamse haven. Stuwadoors waren in feite de ploegbazen die het laad- en loswerk voor de schepen deden. de firma Thomsen en Co groeide uit tot het toonaangevende stuwadoorsbedrijf gevolgd door Frans en Cornelis Swarttouw.
|