|
Rotterdam, 27 augustus 2007
Enquete commisie De commissie, die onderzoek doet naar de ontwikkelingen rond de bouw van de parkeergarage en de ondergrondse waterberging in het Rotterdamse Museumpark, is vandaag begonnen met de openbare verhoren. In totaal worden zestien betrokkenen onder ede gehoord
Het houden van een raadsenquête is het zwaarste controle-instrument van een gemeenteraad. Het is de eerste keer dat de gemeenteraad een enquête houdt in het duale stelsel.
Bevindingen verhoren in oktober verwacht Onder leiding van voorzitter Harreman voert de commissie de eerste gesprekken op 27 augustus 2007. De volgende verhoren zijn op 28 en 29 augustus en 3, 4 en 10 september. De selectie van de te verhoren personen is het resultaat van een grondige voorbereiding met voorgesprekken, een review en een studie op de leemtes in het feitenrelaas van eerder onderzoek. De commissie bestaat naast voorzitter Harreman uit de raadsleden Oosterhoff (plv. voorzitter), Reijkersz, Duys en De Kleijn. Naar verwachting presenteert ze haar bevindingen eind oktober aan de gemeenteraad.
Aanleiding Het instellen van een enquête is het resultaat van een motie die de gemeenteraad op 15 februari 2007 unaniem aannam. De raad droeg op onderzoek te doen naar de gang van zaken rondom het project voor de bouw van de parkeergarage en de ondergrondse waterberging in het Museumpark.
De onderzoekscommissie is op 15 maart 2007 door de gemeenteraad benoemd. In de eerste fase van het onderzoek is een review uitgevoerd op het rapport van Audit Service Rotterdam (ASR) dat in opdracht van het college de financiële ontwikkelingen rond de bouw van de Museumparkgarage onderzocht. Daarnaast heeft de commissie gekeken naar leemtes in het feitenrelaas van het ASR-rapport en voerde ze voorgesprekken met betrokkenen
Wat wordt er onderzocht ? Duidelijk moet worden welke technische keuzes aan de orde waren, hoe de beheersing en sturing van het project waren geregeld, op welke wijze de risico's in kaart zijn gebracht en hoe het financiële arrangement tot stand kwam. Ook de politiek-bestuurlijke verantwoording diende te worden onderzocht.
bron: gemeente Rotterdam; datum 27 augustus 2007
|