|
Grootstedelijke uitstraling Met de bouw van het stadhuis in 1920 werd ook gelijk de binnenstad van Rotterdam gesaneerd. Burgemeester A.R. Zimmerman wilde een nieuw stadhuis aan een statige boulevard voor een groot stedelijke uitstraling. Hiervoor moest de Coolvest worden gedempt, dit werd de Coolsingel. Tevens werd de oude volkswijk rond de Zandstraatbuurt (geboorte grond van Louis Davids) met de grond gelijk gemaakt.
Besloten prijsvraag Als architect werd Delftse professor Henri Evers gekozen uit een prijsvraag onder zeven architecten. Zijn winnende ontwerp is een Stadhuis in neo- renaissance stijl.
Het monument is symetrisch van opzet met centraal de hoofdentree. De Raadzaal en burgerzaal, voorzien van het balkon aan de Coolsingel, liggen op de eerste etage aan weerszijde van de centrale hal. Het gebouw bestaat uit vier vleugels van vier bouwlagen rond een openbaar binnenhof. Een straat doorkruist het gebouw. In totaal beslaat het stadhuis een oppervlakte van 86 bij 106 meter. De 71 meter hoge toren boven de centrale hal domineert het gehele gebouw. De gevels zijn van zandsteen en de trapgevel boven entree verwijst naar de Hollandse 17e eeuw.
Restauratie In begin van deze eeuw is de gevel geheel gezandstraald zodat de originele kleur weer terug is.
Het Stadhuis is één van de 25 Rijksmonumenten in het centrum van Rotterdam.
|